From BlenderWiki
Renderen
Mode: Alle Modussen
Panel: Render Context → Render
Hotkey: F12
Menu: Render → Render Current Frame
Omschrijving
Dit deel geeft je een kort overzicht van de dingen die je nodig hebt om je scène te kunnen renderen. Je kunt een gedetailleerde omschrijving vinden in Renderen (engels).
Opties
De render instellingen zijn te vinden in de Scene Context en Render Knoppen Sub-context ((Render Opties in de Render Knoppen.) waar je kunt komen door op de
te drukken of door F10 te gebruiken.
In het Output paneel, bevat het bovenste veld een pad toevoeging (standaard: "/tmp/") en optioneel een voorvoegsel bij de bestandsnamen gebruikt gedurende het renderen. De pad toevoeging is ofwel een absoluut danwel een relatief adres. Een absoluut adres is zoiets als "C:\Documents\Blender\" en een relatief adres is een 'broodkruimel' notatie ("./" of "../") waarmee de huidige of een hoger gelegen map ten opzichte van de Blender installatiemap wordt bedoeld. Een dubbele slash ("//") betekent dat het bestand in de map van het huidige .blend bestand moet worden gezet.
Ongeldige paden
Als de samenstelling van het pad illegaal is en wordt verworpen door het besturingssysteem, kan het zijn dat je bestand eindigt in de Blender installtie-folder, de root-folder of ergens anders.
|
Het Format Paneel bepaalt het formaat van de render. De afmetingen (aantal pixels horizontaal en verticaal) en het bestandsformaat van de afbeelding die wordt gemaakt kunnen hier worden ingesteld. Je kunt de afmetingen instellen met de SizeX en SizeY knoppen. De selectiebox onder de knoppen voor de afmetingen opent een menu met alle beschikbare formaten voor afbeeldingen en animaties, die in dit geval op "Jpeg" staat ingesteld (Render opties in de Render Knoppen).
Nu de instellingen compleet zijn, kan de scène worden gerenderd door op de RENDER knop in het Render Paneel of op F12 te drukken. Afhankelijk van de complexiteit van de scène duurt dit meestal tussen een paar seconden en enkele minuten, en het verloop wordt in een apart venster getoond. Als de scène een animatie bevat, wordt alleen het huidige frame gerenderd. (Om de hele animatie te renderen, kijk in Het Renderen van Animaties (engels))
Als je niets ziet in het gerenderde beeld, controleer dan of je scène correct in elkaar zit. Zijn er lichten aanwezig? Staat de camera op de juiste plek en wijst hij in de goede richting? Zijn alle lagen die je wil renderen zichtbaar? Controleer of Blender Internal is geselecteerd van het uitklapmenu onder de RENDER knop.
Opslaan op schijf
Een gerenderde afbeelding wordt niet automatisch op schijf opgeslagen. Als je tevreden bent met de render, kun je deze opslaan door op F3 te drukken en het opslagscherm te gebruiken zoals omschreven in Bestanden opslaan. De afbeelding wordt opgeslagen in het formaat dat je eerder in het Format Paneel hebt aangegeven.
Hints
Klik op de Extensions (extensies) knop in het Scène (F10) Render Context paneel zodat Blender automatisch een extensie toevoegt aan je afbeeldingen (bijvoorbeeld ".jpg").